Wanneer is er sprake van gedoogplicht?

Een gedoogplicht is een besluit van de overheid waarmee een eigenaar of gebruiker van grond wordt verplicht om bepaalde werkzaamheden of voorzieningen op zijn grond toe te staan. Denk bijvoorbeeld aan de aanleg van een waterberging, een dijkversterking, een leiding of andere werkzaamheden die nodig zijn voor een publiek belang.

Bij een gedoogplicht blijft de grond in eigendom van de eigenaar. Dat is een belangrijk verschil met onteigening, waarbij het eigendom overgaat naar de overheid of een andere partij.

Wanneer iemand schade lijdt door een gedoogplicht, bestaat in beginsel recht op een vergoeding van die schade. Daarbij gelden andere regels dan bij onteigening, nadeelcompensatie of planschade. De vaststelling van deze schadevergoeding vraagt vaak om specialistische kennis van het bestuursrecht, vastgoed, landelijk gebied en waardering van schade.

Voorbeeld

Een waterschap versterkt een dijk en legt daarvoor tijdelijk een werkterrein aan op een deel van uw perceel. U blijft eigenaar van de grond, maar u kunt dit deel gedurende langere tijd niet gebruiken. Ook kunnen gewassen, bedrijfsvoering of bereikbaarheid worden geraakt. De overheid kan in zo’n situatie een gedoogplicht opleggen. De schade die hierdoor ontstaat, komt in beginsel voor vergoeding in aanmerking.

Copyright © 2026 Stichting Register DOBS
Realisatie Pixel Creation