Planschade is niet gebaseerd op pure marktwaarde, maatstaf taxatie in planschadezaken


Anders dan [appellant] heeft aangevoerd heeft de rechtbank geen tegenstrijdige uitspraken gedaan over de waardering van onroerende zaken in het planschaderecht. In het planschaderecht is niet de feitelijke situatie van belang, waarop de marktwaarde wordt gebaseerd, maar de situatie zoals die planologisch kan zijn; uitgegaan wordt van de maximale invulling van het oude en het nieuwe planologische regime. De redelijk denkend en handelend koper wordt in het planschaderecht geacht hiermee rekening te houden. Dit is een aanname. In de praktijk houdt een potentiële koper niet steeds rekening met planologische mogelijkheden, maar voor hem is vaak de feitelijke situatie van belang. Vandaar dat er een soms aanzienlijk verschil kan bestaan tussen de waarde van een onroerende zaak zoals die in het planschaderecht wordt begroot en de marktwaarde.
ABRS 24-4/19 inzake Bergen; ECLI:NL:RVS:2019:1350

Idem:
• niet zonder meer marktwaarde, omdat daarin maximalisatie bestemmingsplan veelal niet gewogen wordt.
• niet WOZ-waarde. Let wel: : anders was het in de zaak ABRS 14-11/18 inzake Helmond; ECLI:NL:RVS:2018:3691.Vaste rechtspraak: WOZ waarde normaliter niet relevant voor planschadebeoordeling, tenzij de verlaging van WOZ-waarde direct terug te voeren is op de aan de orde zijnde planologische mutatie. Zie de overzichtsuitspraak 28-09/16 inzake Zutphen; ECLI:NL:RVS:2016:2582
• tegentaxatie zonder planvergelijking is sowieso niet bruikbaar.
ABRS 20-03/19 inzake Son en Breugel; ECLI:NL:RVS:2019:870